Eind april was ik met twee vrienden op vakantie in Almaty, Kazachstan. “Waarom Kazachstan?” vraagt u zich misschien af, net zoals vrijwel iedereen in mijn omgeving. Op zich begrijpelijk, want over Kazachstan hoor je in Nederland vrijwel nooit iets. Dat was dan ook precies de reden dat wij daar eens naartoe wilden, want wat zou er te zien zijn in het negende grootste land van de wereld waarover je nooit iets hoort? Wat blijkt: prachtige natuur, verrassend moderne steden en bovenal ontzettend vriendelijke mensen.
Toch eindigde mijn reis heel anders dan verwacht. Toen wij op de laatste avond terugreden naar ons appartement ben ik in een put in het wegdek gereden. De val herinner ik me slechts in vlagen; ik zie nog een mooi gebouw voor me en ik herinner me nog het gevoel dat ik ergens in viel, daarna wordt het zwart. Het volgende dat ik me herinner is dat ik op de stoep zit, waar ik als een personage uit een actiefilm een mond vol bloed uitspuug. Ik voelde het bloed bovendien langs mijn gezicht naar beneden stromen en toen ik mijn mond probeerde te sluiten kwam ik tot de gruwelijke conclusie dat dat niet ging doordat twee van mijn tanden naar achteren waren geslagen. Ik wilde opstaan, maar dit ging niet. Ik bleef denken “Nee, dit kan niet, hoe kan dit mij zijn gebeurd? Is dit echt?” maar ik werd niet wakker uit een nare droom. Gelukkig waren mijn vrienden bij me; de één regelde medische hulp, de ander stelde mij gerust. Toen ik iets was bijgekomen van de schok vroeg ik mijn vrienden om me moeilijke vragen te stellen. Wonden kan je immers hechten en tanden kan je vervangen, maar je hersenen zijn alles. Dat ben jij, een onvervangbaar en kwetsbaar orgaan in een zak vlees en botten. Tot mijn grote opluchting kon ik me al snel weer herinneren waar ik was en wat ik die dag had gedaan.
Mijn volgende herinnering is in een taxi, waarin ik naast een Kazachse man zat. Hij heette Alexander en was ook ooit op eenzelfde manier gevallen. Hij was die avond op weg naar de moskee en had het ongeluk toevallig zien gebeuren. Vijf uur lang bleef hij bij me om te vertalen. Hij regelde en betaalde taxi’s, hielp met de administratie in het ziekenhuis en weigerde enige compensatie aan te nemen. Een werkelijk onzelfzuchtige daad, een vriendelijkheid en behulpzaamheid die ik nooit eerder zo had ervaren; een les die ik meeneem en door zal geven. De details uit het ziekenhuis zal ik u besparen; ik zal enkel benoemen dat ik nog twee weken lang nachtmerries heb gehad van de donkere kamer waarin ik alleen in een tandartsstoel zat, terwijl een Russisch sprekende dokter met nauwelijks werkende verdovingen mijn tanden recht trok en spalkte met ijzerdraad.
Inmiddels gaat het goed. De littekens op mijn gezicht genezen netjes en liggen grotendeels verborgen in mijn wenkbrauw en baard. De wond onder mijn oog is zichtbaarder, maar ziet er vrij esthetisch uit. Het past wel bij het voorkomen van een zwaardvechtinstructeur, denk ik. Ik word nog behandeld bij de tandarts, mijn tandwortels zijn gebroken, maar ook deze behandeling verloopt voorspoedig. Mijn ongeluk in Kazachstan leerde me een hele belangrijke les: ik ben niet onkwetsbaar. Dat klinkt misschien als een open deur, maar als vierentwintigjarige die gezond eet, genoeg beweegt en geen idiote dingen doet, heeft het altijd gevoeld alsof ik nog zeker op 45 jaar kon rekenen alvorens ik me zorgen hoefde te maken over het einde. Dat blijkt niet waar te zijn. Als ik anders was gevallen had ik gerust verlamd kunnen zijn, of erger. Een ongeluk zit werkelijk in een klein hoekje; voor hetzelfde geld struikel ik morgen van de trap af en breek ik mijn nek. Hieruit neem ik mee dat het belangrijk is om nú te doen wat je wilt doen, want er is geen garantie op later. Voor mij betekent dit het schrijven van boeken en het geven van zwaardvechtlessen. Ik denk dat ik hiermee een positieve impact kan maken op het individu, maar ook op de samenleving; een streven waarvoor ik alles wil geven.
De vergeten ridder ligt inmiddels bij de redacteur; aan De tempel van onbegrip ben ik begonnen. Dit laatste boek is een verhaal dat zich afspeelt in een wereld bestaande uit reusachtige tempels. De hoofdpersoon gaat op zoek naar waarheid in een absurde wereld die tot op het bot verdeeld is. De schrijfstijl is geïnspireerd door Kafka, Borges en Márquez, inhoudelijk heeft de filosofie wat weg van de Tao Tejing. Ondertussen loopt er ook nog een geheim project, waarover ik helaas nog niets kan vertellen, behalve dat het héél tof wordt als dit tot stand kan komen.
Xander